Waarom wordt er niet meer ingezet op biobased bronmaterialen voor actieve kool?
Highlights: wat moet je onthouden uit dit artikel?
- Actieve kool op basis van biobased bronmateriaal (fruitpitten, houtafval, zeewier, etc.) kan een interessant én duurzaam alternatief zijn voor coalbased actieve kool.
- Een objectieve evaluatie, zowel op vlak van duurzaamheid als op vlak van beschikbaarheid én werkzaamheid, is echter essentieel.
De zoektocht naar duurzamere vormen van actieve kool heeft de laatste decennia geleid tot een sterke toename in wetenschappelijk onderzoek naar biobased alternatieven. Hierbij wordt gekeken naar bronmaterialen die niet alleen geschikt zijn voor omzetting tot actieve kool maar ook voldoende beschikbaar zijn zoals afvalstromen uit de fruitindustrie, houtresten en zelfs zeewieren.
Hoewel deze alternatieven vanuit een ecologisch standpunt aantrekkelijk lijken, is het belangrijk om kritisch te blijven bij het beoordelen van hun effectieve duurzaamheid en werkzaamheid.
Aandachtspunten
Veelal wordt gesteld dat biobased actieve kool een lagere CO₂-voetafdruk heeft dan conventionele kool op basis van fossiele bronnen. In theorie klopt dit: biogene materialen nemen tijdens hun groei CO₂ op uit de atmosfeer, wat de koolstofbalans positief beïnvloedt. De praktijk toont aan dat dit verhaal complexer en vooral genuanceerder is:
- Productieprocessen zoals carbonisatie en activatie vereisen hoge temperaturen, veelal bereikt door middel van fossiele energiebronnen.
- Logistiek van seizoensgebonden of geografisch verspreide biomassa kunnen de CO₂-winst tenietdoen.
- Landgebruik, en daaraan gelinkte indirecte effecten zoals ontbossing of monocultuur, waarbij de biobased bronmaterialen beschikbaar komen, kunnen leiden tot ecologische schade, zelfs bij “duurzame” biomassastromen.
Een objectieve en correct uitgevoerde levenscyclusanalyse (LCA) is essentieel om de echte milieu-impact van biobased actieve kool te beoordelen. Bij gebrek hieraan bestaat het risico dat “groene” alternatieven vooral door marketing gedreven zijn.
Een tweede aandachtspunt is de beschikbaarheid van biobased grondstoffen. Veel biomassastromen zijn seizoensgebonden (zoals fruitpitten) of afhankelijk van externe factoren zoals houtkap. Dit maakt het moeilijk om een stabiele toevoer te garanderen, wat cruciaal is voor industriële toepassingen waar continuïteit centraal staat.
Last but not least: er is uiteraard ook nog de technische kant. Biobased actieve kool moet niet alleen duurzaam zijn, maar ook beschikken over een hoog adsorberend vermogen. Met andere woorden, de kool moet in staat zijn om de nodige contaminanten te kunnen verwijderen uit water, lucht, etc. Sommige biobased kolen hebben een minder ontwikkelde poriënstructuur en/of een lagere adsorptiecapaciteit, wat betekent dat er meer product nodig is om hetzelfde zuiveringsresultaat te bereiken met mogelijk een hogere ecologische én economische kost.

De praktijk
Duurzaamheid is meer dan een label. Cargen onderzoekt en evalueert biobased alternatieven op basis van CO₂-impact, beschikbaarheid, ecologische integriteit én praktische prestaties. Alleen zo kan aan klanten een gegarandeerde oplossing geboden worden die zowel technisch als ecologisch verantwoord is.
Conclusie
Alternatieve biobased bronmaterialen voor de productie van actieve kool lijken zowel vanuit een ecologisch als commercieel standpunt aantrekkelijk. Echter, een grondige evaluatie op basis van een levenscyclusanalyse, de al dan niet stabiele beschikbaarheid van het bronmateriaal én de technische prestaties van het biobased type actieve kool dringt zich op.
Wat kunnen wij voor u betekenen?
Cargen bouwt op decennialange ervaring in sectoren waar actieve kool dagelijks wordt ingezet voor biogas-, lucht-, water- en bodemtoepassingen. Dankzij onze plug & play filtersystemen en een 24/7 service ontzorgen we u volledig, van analyse tot opvolging. Voor elke toepassing werken we een oplossing op maat uit.
Benieuwd hoe wij u kunnen ondersteunen? Neem vrijblijvend contact met ons op.


